Reflectie en bespiegeling

Afgelopen maand was het 82 jaar geleden dat de Slag in de Javazee plaatsvond. In al die jaren is er veel over geschreven, gediscussieerd en vergeten. Na de Tweede Wereldoorlog had Nederland helden nodig waar het zich aan kon optrekken tijdens de wederopbouw. Karel Doorman was er daar een van. De aanvoerder van een vlootverband dat was samengeraapt en niet veel had kunnen oefenen. De aanvoerder van een vlootverband dat de vijandelijke invasievloot tegemoet trad, terwijl men wist dat de kans op succes zeer gering was. De aanvoerder van een vlootverband die het beroemde sein ‘All ships follow me’ gaf aan de schepen, om orde in de chaos proberen te scheppen.

 

In dezelfde geest van heldendom vertaalde men dat sein later in ‘Ik val aan, volg mij’. Dat het allemaal wat anders is gelopen dan de eerste decennia na de Tweede Wereldoorlog verteld is, weten we al heel lang. De heldenrol die Karel Doorman in de wederopbouw heeft gehad is uitgespeeld, maar dat wil niet zeggen dat hij niet belangrijk werk heeft geleverd. Samen met ruim tweeduizend geallieerde marinemannen heeft hij het hoogste offer gebracht. En daarvoor moeten we al die mensen dankbaar blijven en hun offer blijven herdenken.

Om de vergelijkbare discussies, die er nog steeds zijn over de Slag in de Javazee en de rol van Doorman in de toekomst te voorkomen, is goede militaire geschiedschrijving van belang. Een rol die het NIMH heeft voor de Nederlandse krijgsmacht en die in het voorliggende Marineblad aan bod komt. En dat de discussie over Doorman nog steeds levendig is leest u ook in een tweetal stukken. Zoals ik eerder schreef, in de Javazee stierven ruim tweeduizend marinemannen. Inmiddels maken steeds meer vrouwen deel uit van de Koninklijke Marine. Over hoe dat gelopen is vindt u ook een artikel in dit nummer. We zullen de komende tijd nog meer vrouwen en nog meer mannen moeten kunnen vinden, maar vooral binnenhouden.

De wereld is er niet veiliger op geworden, om dat cliché maar weer eens van stal te halen. De dreigingen die er in de tijd van Doorman waren, bommen, granaten, mijnen en torpedo’s, zijn er nog steeds en er zijn alleen maar dreigingen bijgekomen. Denk aan unmanned surface vessels (USV’s) waar de Oekraïners nu veel successen mee behalen, maar ook aan ballistische raketten waar de islamitische terroristen uit Jemen de internationale scheepvaart mee bedreigen en aanvallen. Omdat we zeker niet alleen terugkijken in het Marineblad openen we deze editie met een artikel van een jonge collega die onderzoek heeft gedaan naar vuurleiding voor de nieuw te bouwen marineschepen, zodat zij zich beter kunnen verdedigen tegen de dreiging van raketten. De mensen die we moeten binnenhalen en -houden zullen we van het best mogelijke materieel moeten voorzien, om te voorkomen dat over een eeuw of wat onze nabestaanden een moderne Slag in de Javazee moeten herdenken, waarin een geallieerd vlootverband ten strijde trok tegen een vijand die sterker was en beter getraind.

Naast alle zaken op het wereldtoneel zijn er ook nog de normale ‘beslommeringen’. Daarom vindt u in dit nummer ook de Beschrijvingsbrief 2024 waarin het bestuur verslag doet over 2023 en vooruitblikt op 2024. Dit ter voorbereiding op de Algemene Ledenvergadering van 3 juli a.s. De KVMO zal zich blijven inzetten voor een op haar taak berekende zeemacht, de situatie in de wereld vraagt erom en zal er ook altijd om blijven vragen. Alle mooie dromen over wereldvrede ten spijt. En ondanks deze ietwat sombere bespiegeling wens ik u toch veel leesplezier!

 

Meer columns van Rob Pulles

KLTZ Rob Pulles EMSD was tussen 2020 en 2024 voorzitter van de Koninklijke Vereniging van Marineofficieren. Columns van de voorzitter vormen het voorwoord op het Marineblad.

Colofon

Aanleveren kopij

Archivering

Adverteren

Neem contact op

marineblad beeldmerk

 

Koninginnegracht 19
2514 AB  Den Haag

kvmo uitgave