Mag Iran de Straat van Hormuz afsluiten?

Juridische kaders en de rol van de Koninklijke Marine

Door Mr. dr. drs. P.J.J. van der Kruit


Abstract

De recente (deel)afsluiting van de Straat van Hormuz door Iran brengt grote gevolgen voor de wereldwijde energievoorziening en stelt de internationale gemeenschap voor een juridisch dilemma. Dit artikel analyseert de spanning tussen het VN-Zeerechtverdrag en het zeeoorlogsrecht. Wat is de rechtmatigheid van Iraanse acties en welke ruimte heeft de Koninklijke Marine om de vrijheid van scheepvaart te handhaven? Van het recht van doortocht tot de inzet van moderne mijnenbestrijdingsvaartuigen. Een blik op de juridische kaders.


shutterstock 2741004511 (Bron: Shutterstock | 2741004511)

Inleiding

De Straat van Hormuz is cruciaal voor de wereldwijde olie- en gasvoorziening, maar Iran heeft deze deels afgesloten. Nederland overweegt een beperkte inzet van oorlogsschepen om het recht op vrije doorvaart te waarborgen. Sinds eind februari 2026[i] belemmert Iran, als reactie op aanvallen van de VS en Israël, de scheepvaart met onder meer aanvallen op koopvaardijschepen en het leggen van zeemijnen.[ii] Dit brengt grote economische schade en veiligheidsrisico’s met zich mee, mede omdat ongeveer 20% van het mondiale olie- en gastransport via deze route verloopt.

Dit artikel bespreekt eerst het juridische kader rond de afsluiting van internationale zeestraten: valt dit onder het recht van de zee of het zeeoorlogsrecht? Vervolgens wordt de actuele situatie in de Straat van Hormuz geanalyseerd. Tot slot komt de mogelijke inzet van een Nederlands oorlogschip en mijnenbestrijdingscapaciteiten aan bod om de vrijheid van scheepvaart te waarborgen.

 

Toepasselijk rechtsgebied

Een rechtsgebied betreft een afgebakend deel van het recht dat bestaat uit een samenhangend geheel van wet- en regelgeving met betrekking tot een specifiek onderwerp.[iii] In dit verband wordt in het bijzonder aandacht besteed aan het recht van de zee, zoals neergelegd in het VN-Zeerechtverdrag,[iv] maar ook aan het zeeoorlogsrecht.

Strait of Hormuz svg en grootFiguur 1.  Overzicht van de Straat van Hormuz (bron: Wikipedia)

De juridische grondslag voor de militaire acties van eind februari door de VS en Israël tegen Iran is onzeker. Het VN-Handvest[v] verbiedt in beginsel het gebruik van geweld tussen staten, behoudens twee uitzonderingen: zelfverdediging en optreden op grond van een mandaat van de VN-Veiligheidsraad (VN-VR). Geen van beide uitzonderingen leek in dit geval van toepassing. Andere aangevoerde rechtvaardigingsgronden, zoals humanitaire interventie in verband met de mogelijk duizenden door het Iraanse regime gedode burgers tijdens demonstraties, dan wel het bewerkstelligen van een regimewisseling, worden in het internationaal recht niet algemeen erkend als een legitieme grondslag voor het gebruik van geweld.


De juridische grondslag voor de militaire acties van eind februari door de VS en Israël tegen Iran is onzeker.


Recht van de Zee

Het recht van de zee omvat het geheel van rechtsregels dat betrekking heeft op activiteiten die zich op zee afspelen. In het bijzonder reguleert het de rechten en verplichtingen van staten met betrekking tot het gebruik van zeeën en oceanen.

Het belangrijkste verdrag op dit terrein is het Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee (VN-Zeerechtverdrag). Dit verdrag is mede gebaseerd op het gewoonterecht van staten. Het wordt ook wel genoemd de ‘Constitutie der Oceanen’. Op grond van het VN-Zeerechtverdrag is het staten niet toegestaan hun territoriale wateren zodanig af te sluiten dat de toegang tot of het varen door zeestraten wordt belemmerd.[vi] Dit impliceert dat de Straat van Hormuz open dient te blijven voor de scheepvaart. Ook het vragen van tolgelden door Iran vindt geen juridische grondslag in het VN-Zeerechtverdrag.[vii]

De VS en Iran zijn beide geen of niet-volledig partij bij het VN-Zeerechtverdrag, maar beide staten worden geacht de relevante bepalingen van dit verdrag wel na te leven, ook op grond van het internationaal gewoonterecht.[viii]

Zeeoorlogsrecht[ix]

Het zeeoorlogsrecht is het onderdeel van het internationaal humanitair oorlogsrecht dat specifiek van toepassing is op gewapende conflicten op zee. Een belangrijke bron van dit rechtsgebied is de San Remo Manual.[x] Dit is geen officieel verdrag maar wel de meest gezaghebbende moderne handleiding die het bestaande gewoonterecht en verdragsrecht over zeeoorlogsrecht samenvat en actualiseert. Veel landen, waaronder Nederland, beschouwen dit als een goede weergave van het geldende zeeoorlogsrecht. Er wordt wel gesteld dat het huidige zeeoorlogsrecht veelal in handboeken is vastgelegd die gedeeltelijk statenpraktijk, maar geen consensus reflecteren onder alle staten.

thumb 2009 A9011 167Het Nederlandse eskader in de Perzische Golf, bestaande uit bevoorradingsschip Hr.Ms. Zuiderkruis en de fregatten Hr.Ms. Jacob van Heemskerck en Philips van Almonde, vertrekt uit Den Helder om te gaan deelnemen aan de VN-operaties Phalanx en Desert Storm, 1990 (collectie NIMH)

Op grond van het zeeoorlogsrecht is het Iran toegestaan militaire doelen aan te vallen, waaronder vijandelijke oorlogsschepen en koopvaardijschepen die effectief bijdragen aan militaire operaties tegen Iran.[xi] Neutrale schepen genieten bescherming en mogen niet doelbewust worden aangevallen, tenzij zij hun neutraliteitsstatus verliezen door directe deelname aan vijandelijkheden.[xii]

Het leggen van zeemijnen in de Straat van Hormuz vormt een juridisch gevoelige maatregel vanwege het inherente risico voor de civiele scheepvaart. Zeemijnen dienen te voldoen aan de beginselen van onderscheid, proportionaliteit en voorzorg.[xiii] Dit impliceert dat bij iedere militaire actie schade aan burgers, civiele objecten en het mariene milieu zoveel mogelijk moet worden beperkt; het veroorzaken van buitensporige nevenschade is verboden.


Vooralsnog is er voor de Straat van Hormuz geen sprake van een formeel ingestelde zeeblokkade zoals bedoeld in het zeeoorlogsrecht c.q. de San Remo Manual.


Vooralsnog is er voor de Straat van Hormuz geen sprake van een formeel ingestelde zeeblokkade zoals bedoeld in het zeeoorlogsrecht c.q. de San Remo Manual. Het feit dat schepen uit staten zoals China, Rusland, India en Turkije soms wel doorgang krijgen, wijst erop dat de Straat van Hormuz niet volledig is afgesloten. Een rechtsgeldige blokkade moet bovendien voldoen aan de voorwaarden zoals genoemd in de San Remo Manual.[xiv]  

In volle zee of in een internationale zeestraat kunnen het recht van de zee en het zeeoorlogsrecht tegelijkertijd van kracht zijn ten aanzien van verschillende schepen. De toepasselijkheid van het ene rechtsregime impliceert niet automatisch de uitsluiting van het andere. Beide regimes kunnen daarom gelijktijdig en in onderlinge overlapping van toepassing zijn, zulks afhankelijk van de status van de betrokken schepen en de heersende feitelijke situatie.

De situatie in de Straat van Hormuz dd. vrijdag 3 april 2026 (bron: Marine Traffic)De situatie in de Straat van Hormuz dd. vrijdag 3 april 2026 (bron: Marine Traffic)

Internationale zeestraten

Volgens het VN-Zeerechtverdrag worden zeestraten ingedeeld op basis van het doorvaartregime: Recht van doortocht (transit passage) voor internationale zeestraten die volle zee of EEZ’s verbinden en het recht van onschuldige doorvaart (innocent passage) voor zeestraten waar ook alternatieven voor bestaan, zoals bij de Straat van Messina. Het recht van doortocht is sterker dan het recht van onschuldige doorvaart, ofwel er zijn minder voorwaarden gesteld aan het recht van doortocht.

Straat van Hormuz

Deze internationale zeestraat verbindt de Perzische Golf met de Golf van Oman, waarbij Iran en Oman territoriale wateren claimen. Het recht van doortocht geldt hier, wat betekent dat kuststaten als Iran en Oman de doorgang niet mogen blokkeren of belemmeren. Alleen in uitzonderlijke situaties, zoals zelfverdediging van de kuststaat, kan een beperking mogelijk zijn, maar totale afsluiting blijft zeer omstreden en juridisch problematisch. Het VN-Zeerechtverdrag beschermt de mondiale vrijheid van scheepvaart, waarbij selectieve belemmeringen niet zijn toegestaan. Het zeeoorlogsrecht bewaakt de voorwaarden voor een juridisch correcte blokkade.

Huidige situatie in de Straat

Hoewel Iran de Straat van Hormuz niet volledig heeft afgesloten, is de scheepvaart er feitelijk ernstig verstoord door Iraanse aanvallen op schepen en het weigeren van doorvaart. Iran hanteert een 'selectieve doorgang', waarbij het bepaalde schepen wel en andere niet toelaat.[xv] De militaire acties en dreigingen van Iran, inclusief het afvuren van raketten, het leggen van zeemijnen en het aanvallen met meerdere soorten drones maken de zeestraat, inclusief de aanlopen, praktisch onbruikbaar voor een groot gedeelte van de commerciële scheepvaart. Hierdoor mijden rederijen deze zeestraat en kan de internationale scheepvaart daar vrijwel stilvallen. De VN-Veiligheidsraad (VN-VR) heeft Iran opgeroepen de feitelijke deelblokkade op te heffen.[xvi]

Figuur2Figuur 2. Overzicht van een aantal opties die staten kunnen gebruiken om de afgesloten Straat van Hormuz weer te openen.

Hoewel de strijdende partijen hun maritieme operaties verrichten onder het zeeoorlogsrecht, blijven ‘niet-strijdende’ staten, waaronder Nederland, in beginsel gebonden aan het VN-Zeerechtverdrag. Indien Nederland echter besluit tot militaire steun aan de Verenigde Staten en/of Israël door de inzet van oorlogsschepen, dan treden deze schepen direct toe tot het gewapende conflict. Zij vallen daarmee onmiddellijk onder het toepassingsgebied van het zeeoorlogsrecht. Vanaf dat ogenblik worden zij als oorlogsschepen van een strijdende partij aangemerkt en zijn zij onderworpen aan de regels van het zeeoorlogsrecht, naast de eventuele resterende toepasselijkheid van het recht van de zee. Dit kent geen mogelijkheden om een blokkade te breken. Het VN-Zeerechtverdrag stelt alleen vast dat het recht van doortocht (transit passage) bestaat en dat de doorgang in een zeestraat niet gehinderd mag worden.

Nederlands oorlogschip 

De inzet van een Nederlands oorlogsschip, zoals een fregat, om een Iraanse deelblokkade van de Straat van Hormuz te doorbreken is juridisch complex en politiek gevoelig. Het raakt aan het internationaal recht, het recht van de zee en het zeeoorlogsrecht, die onderling met elkaar kunnen botsen. In vredestijd heeft een Nederlands oorlogschip op grond van het VN-Zeerechtverdrag recht op doortocht (transit passage) in de Straat van Hormuz. Het is kuststaten niet toegestaan hun territoriale wateren (selectief) te sluiten als dit de vrije doorvaart door internationale zeestraten zou hinderen of belemmeren.

Kreta, 27 maart 2026Lancering Zr. Ms. Evertse. Luchtverdedigingscapaciteit Zr.Ms. Evertse benadrukken.Op dit moment vaart Zr.Ms. Evertsen mee met het Charles de Gaulle-eskader in de Middelandse zee; daar oefende zij onlangs in het neerhalen van een drone (foto: Mediacentrum Defensie)

Het recht van doortocht is minder restrictief dan het recht van onschuldige doorvaart. Een oorlogsschip mag niet patrouilleren of surveilleren in een internationale zeestraat. Het gebruik van geweld, inclusief de dreiging ermee, is niet toegestaan, omdat dit de vrede in gevaar zou kunnen brengen. Het frequent met actieve wapensystemen beschermen van koopvaardijschepen gedurende de doortocht door een internationale zeestraat wordt niet toegestaan door het internationaal zeerecht. Het VN-Zeerechtverdrag stelt dat schepen zich moeten onthouden van andere activiteiten dan die welke behoren bij een normale ononderbroken en snelle doortocht.[xvii]


Het is kuststaten niet toegestaan hun territoriale wateren (selectief) te sluiten als dit de vrije doorvaart door internationale zeestraten zou hinderen of belemmeren.


Het blokkeren van de Straat van Hormuz kan worden beschouwd als een oorlogsdaad, evenals het eventueel met geweld doorbreken van deze blokkade door een Nederlands fregat. Hierbij verschuift het juridische kader al snel van het recht van de zee (VN-Zeerechtverdrag) naar het zeeoorlogsrecht, zoals het voornamelijk is neergelegd in de Tweede Geneefse Conventie en in de San Remo Manual

Een neutraal oorlogsschip mag juridisch gezien door de Zeestraat van Hormuz varen, zelfs bij een betwiste blokkade. Maar of dat ook veilig en verstandig is, is een andere vraag. Zie Figuur 3 voor een niet-limitatief aantal acties die een neutraal Nederlands oorlogsschip wel of niet kan uitvoeren in de Straat van Hormuz en binnen het zeeoorlogsrecht.

Figuur3Figuur 3. Overzicht van enkele mogelijke acties door neutrale oorlogsschepen onder het zeeoorlogsrecht.

Kortom, een neutraal Nederlands oorlogsschip in de Straat van Hormuz mag doorvaren, neutrale schepen escorteren en zich zo nodig verdedigen. Het behoudt zijn navigatierechten, maar moet strikt neutraal blijven en geen steun verlenen aan strijdende partijen.

Verliest Nederland deze neutraliteit, dan valt het optreden van een fregat onder het zeeoorlogsrecht (naast het recht van de zee) en gelden de regels voor gewapende conflicten op zee, zoals weergegeven in de San Remo Manual. In de praktijk gebeurt militaire inzet meestal in coalitieverband (bijv. VN, NAVO of EU) vanwege de politieke en juridische gevoeligheid. Het gebruik van geweld wordt daarbij bepaald door de Rules of Engagement (ROE), die de voorwaarden en grenzen vastleggen.


Een neutraal Nederlands oorlogsschip in de Straat van Hormuz mag doorvaren, neutrale schepen escorteren en zich zo nodig verdedigen.


Nederlandse mijnenbestrijding

In vredestijd is het leggen van zeemijnen die de scheepvaart hinderen in de Straat van Hormuz vrijwel zeker onwettig wegens schending van het recht van doortocht. Tijdens een gewapend conflict mag mijnenleggen enkel gericht zijn op militaire doelen, mag internationale scheepvaart niet willekeurig in gevaar worden gebracht, en is waarschuwing voor en registratie van zeemijnen verplicht. Net als ruiming van zeemijnen na afloop van het conflict.

Nederland kan uitstekend zeemijnen bestrijden, zo heeft de recente geschiedenis uitgewezen. Nederland doet dit vaak gezamenlijk met andere staten, zowel met gedateerde als met uiterst moderne mijnenbestrijdingsvaartuigen. Oefeningen in vredestijd leveren dan goede en succesvolle resultaten op voor het bestrijden van zeemijnen in oorlogstijd. Mijnenbestrijding is juridisch verdedigbaar als maatregel ter bescherming van de vrije scheepvaart en geldt niet als aanval op Iran. In territoriale wateren is echter in beginsel de toestemming van de kuststaat vereist, anders kan sprake zijn van een schending van soevereiniteit.

In oorlogstijd geldt het zeeoorlogsrecht, zoals verwoord in de San Remo Manual. Deze staat het gebruik van zeemijnen toe onder voorwaarden: ze moeten onderscheid maken, neutrale scheepvaart niet disproportioneel treffen en achteraf worden opgeruimd.

Aanvallen op mijnenleggers of opslagfaciliteiten zijn in vredestijd slechts onder strikte voorwaarden toegestaan. Defensieve maatregelen, zoals mijnenbestrijding, moeten duidelijk worden onderscheiden van offensieve acties tegen Iraanse eenheden. Die zijn alleen toegestaan bij zelfverdediging of met een VN-mandaat. Het onderscheid tussen vredes- en oorlogstijd is daarmee ook bepalend voor de rechtmatigheid van inzet van een oorlogsschip en mijnenbestrijding door Nederland.

1772201119371Zr.Ms. Vlissingen, een nieuwe moderne mijnenjager (foto: Mediacentrum Defensie)

Tot slot

De Straat van Hormuz is een essentieel maritiem knooppunt waar ongeveer 20% van de mondiale olie- en gasstromen passeert. In vredestijd geldt het recht van doortocht (transit passage), dat vrije en niet-discriminerende doorgang voor alle schepen waarborgt. Het (gedeeltelijk) blokkeren van de zeestraat door Iran is daarom juridisch omstreden en in beginsel onrechtmatig, ook al stelt Iran dat alleen ‘niet-vijandige’ schepen mogen passeren.


Het (gedeeltelijk) blokkeren van de zeestraat door Iran is juridisch omstreden en in beginsel onrechtmatig.


Onder het recht van de zee mag een blokkade niet met geweld worden doorbroken, terwijl het recht op doortocht blijft gelden en belemmering daarvan vormt een schending van internationaal recht. In de praktijk verschuift het juridisch kader soms van het recht van de zee langzaam richting het zeeoorlogsrecht zodra oorlogsschepen actief worden ingezet. Bij een gewapend conflict blijft het recht van doortocht in principe bestaan, ook al heeft Iran dan ruimere bevoegdheden, zoals controle op contrabande en het treffen van tijdelijke veiligheidsmaatregelen. Een algehele blokkade of willekeurige hinder van neutrale scheepvaart blijft echter onrechtmatig. Vijandelijke schepen mogen worden tegengehouden of aangevallen; neutrale schepen mogen in beginsel vrij passeren, tenzij zij de vijand ondersteunen.

Voor Nederland geldt dat inzet van een fregat in de Straat van Hormuz wordt begrensd door deze juridische kaders. Mijnenbestrijding is vaak mogelijk, mits gebaseerd op toestemming van de kuststaat, zelfverdediging of een VN-mandaat, waarbij de politieke context doorslaggevend is. Kortom, de Straat van Hormuz is niet alleen geopolitiek gevoelig, maar ook juridisch complex, met rechten en verplichtingen die niet altijd worden nageleefd door de strijdende partijen.

Mr. dr. drs. Peter van der Kruit diende van 1973-2004 als zeeofficier bij de Koninklijke Marine en vervolgens tot 2014 als Universitair Hoofddocent/Senior Onderzoeker bij de Universiteit Utrecht (UU) en de Nederlandse Defensie Academie (NLDA). Tegenwoordig is hij directeur van het Juridisch Nautisch Adviesbureau JNAB B.V.

 

Noten

[i] Zie de website van ‘Operation Epic Fury’, vindplaats: www.centcom.mil/OPERATIONS-AND-EXERCISES/Epic-Fury/.

[ii] www.ukmto.org/recent-incidents.

[iii] Zie voor een zeer uitgebreide uiteenzetting met op sommige leerstukken een afwijkende mening J. Kraska, ‘Legal Vortex in the Strait of Hormuz’, in: Virginia Journal of International Law, Vol. 54.2.

[iv] Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee, 1982 (VN-Zeerechtverdrag), Trb. 1983, 83.

[v] Handvest van de Verenigde Naties, San Francisco 26 juni 1945, Trb. 1979, 37.

[vi] Artikel 38 VN-Zeerechtverdrag.

[vii] AD 22 maart 2026; Artikelen 26, 38, 42 VN-Zeerechtverdrag.

[viii] Navy JAG Corps, Maritime Claims Reference Manual, Washinton, mei 2023; https://treaties.un.org/Pages/

ViewDetailsIII.aspx?src=TREATY&mtdsg_no=XXI-6&chapter=21&Temp=mtdsg3&clang=_en.

[ix] P.J.J. van der Kruit, Zeeoorlogsrecht, een oorlogsrecht in crisis, in: Militaire Spectator, jaargang 176, 5-2007, pp. 224-232.

[x] San Remo Manual on International Law Applicable to Armed Conflicts at Sea (1994), Cambridge: CUP 1995.

[xi] Artikelen 7, 8 en 22 San Remo Manual.

[xii] Artikelen 23-25 San Remo Manual.

[xiii] Artikelen 15-22 San Remo Manual.

[xiv] Artikelen 93-104 San Remo Manual.

[xv] Reuters, 24 maart 2026, www.reuters.com; P. Eavis, ‘Iran Says ‘Non-Hostile’ Ships Can Sail Through the Strait of Hormuz’ in: New York Times, 24 maart 2026.

[xvi] VN-VR Resolutie 2817, para 8, VN New York, 11 maart 2026.

[xvii] Artikel 39 VN-Zeerechtverdrag.

 

Gerelateerd

Voortzettingsvermogen

01 jul 2026

Wie een oorlog wil winnen, zal over voortzettingsvermogen moeten beschikken. Het is een harde realiteit die na vier jaar strijd in…

 

 

Colofon

Aanleveren kopij

Archivering

Adverteren

Neem contact op

marineblad beeldmerk

 

Koninginnegracht 19
2514 AB  Den Haag

kvmo uitgave