Rusland, Oekraïne en de ‘Eeuw van Azië’
President Vladimir Poetin laat Rusland door middel van de inval in Oekraïne in essentie zelfmoord plegen. De onzinnige argumenten voor de aanval, het redeloze geweld tegen burgers en steden en het succesvolle Oekraïense verzet tonen dat Rusland geen echte macht meer is, maar een blunderende staat. Voor Rusland is er – winst of verlies maakt niets uit – geen goed einde aan deze affaire. Naast Oekraïners, zijn dus ook de Russen zelf de dupe van ‘Suicide-Tsaar Vladimir.’ In dit artikel kijken wij hoe het zover heeft kunnen komen, wat de Russische deconfiture met name voor China betekent en hoe Europa daarop zou kunnen reageren.
In een Europa dat steeds minder draait om nationalisme, maar steeds meer om mensenrechten en democratie, is Rusland – en dan met name de kring rond Poetin – blijven steken in een oud verhaal van Russisch, Sterk en Imperium. Dat alles bovendien gebaseerd op een zwakke economie, sovjet-bestuursmethoden en leugenachtige propaganda. Maar waar Rusland slechts onderdanen kent, is in Oekraïne, zeker na de Russische annexatie van de Krim in 2014 en de oorlog in de Donbas, afkeer van Rusland ontstaan en als gevolg een schoorvoetend tot echt Oekraïens burgerschap en oriëntatie op de Europese Unie. Het is deze ontwikkeling – die direct bedreigend is voor alle plannen van Moskou om Oekraïne ooit nog in te lijven en ook politiek uitstraalt naar de Russen zelf – die Poetin in februari 2022 tot handelen aanzette. Maar hoe ziet China deze ontwikkelingen? Gaat het om een zwak Rusland dat ten onder gaat en een sterk Westen dat een vuist maakt voor onze waarden, iets dat ook op Taiwan zal worden toegejuicht. Of zien de Chinezen een toch al afgetakeld Rusland en een Westen dat zich nog een keer verenigt om zelf een goed gevoel te hebben over onze normen, terwijl in China de echte nieuwe wereld – veel minder democratisch en individueel, maar ook welvarend – vorm wordt gegeven?
Hoe is Rusland op dit punt gearriveerd?
Het uiteenvallen van de Sovjetunie in de late jaren ’80 en de snelle ontbinding van ervan in losse delen, is voor veel (oudere) Russen een nooit verwerkt trauma. Die onvrede, gekoppeld aan de felle economische crisis van de jaren ’90, heeft ervoor gezorgd dat er nooit een echte afrekening met het Sovjetsysteem en -denken heeft plaatsgevonden. In modern Rusland – en ook Oekraïne tot 2014 – zijn de mensen eigenlijk Sovjetburgers gebleven en daarom konden ook nieuwe politieke leiders zich als Sovjetheersers gedragen. De essentie daarvan is dat er nu eenmaal altijd een baas is en dat die maar beter gehoorzaamd kan worden. De roofkliek rond Poetin, de oorlogen in Tsjetsjenië en de moorden op politieke tegenstanders en onafhankelijke journalisten onderstrepen dat en maken duidelijk dat dictatoriaal, corrupt en gewelddadig bestuur nog altijd de Russische norm is.
In 1999 verschijnt de ex-KGB’er Vladimir Vladimirovitsj Poetin op het politieke toneel als premier. Ondanks tijdelijke constitutionele belemmeringen weet Poetin het zo te spelen dat hij niet meer uit het Kremlin verdwijnt en voor veel Russen is hij nu eenvoudigweg de verbeelding van macht. Politieke concurrenten zet hij buitenspel of laat hij uit de weg ruimen; zijn wil is immers wet. De politieke doelen van de nieuwe tsaar kristalliseren langzaam uit tot een oud-nieuw mengsel: Rusland hoort gewoon op het wereldtoneel – het verdwijnen van de Sovjetunie is volgens Poetin immers de grootste ramp van de 20ste eeuw – de orthodoxe kerk is de morele ruggengraat van het land en het territorium Oekraïne is er een integraal onderdeel van. Zo krachtig als Poetin het politieke landschap naar zijn hand kan zetten, zo moeilijk gaat het in de economie en in de oorlog. Rusland drijft op olie- en gasinkomsten en die variëren nogal eens. Bovendien wordt er weinig geïnvesteerd in nieuwe industrie en is de diensteneconomie nog niet echt aangekomen in Rusland. Westerse sancties na de Krim-annexatie doen pijn. De oorlogen tegen Tsjetsjenië mislukken eigenlijk en werden alleen met het platbombarderen van de regio beslecht. Invasies in Georgië en de Krim gaan wel, net als wat vage huurlingenacties in Moldova en de Donbas, maar dat zijn allemaal geen echte klinkende overwinningen. Het zijn wel duidelijk vermaningen aan het westen dat Rusland zich niet bij een tweederangs status neerlegt.
Wat betreft Oekraïne heeft Poetin een speciale afdeling opgericht binnen de binnenlandse veiligheidsdienst FSB, opvolger van de KGB, om het buurland in kaart te brengen. De actie in 2014 bracht een zeker succes, maar de Krim en de vage zelf verklaarde republiekjes Donetsk en Loegansk zijn volgens Poetin niet genoeg. De sympathie van Kiev ging dankzij het verlies van de Krim en een sluipende oorlog in de Donbas toch steeds meer richting Brussel. Naar het zich laat aanzien heeft Poetin die bewegingen tot voor kort niet echt gezien en de democratische tendensen gemist. Poetin claimt dat Kiev in handen van nazi’s is en dat het nest opgeruimd moet worden, maar er is ook nog een tweede narratief: de Verenigde Staten nemen Oekraïne langzaam over en daar moet een halt aan toegeroepen worden. Het Kremlin meende bovendien dat het onverwachte vertrek uit Afghanistan betekende dat het Westen het geopolitieke bijltje erbij neergooide en dat een invasie van het buurland zonder tegenstand uit Washington, Londen of Berlijn uitgevoerd kon worden. Bovendien geloofde Poetin in de eigen propaganda en hield hij het invalsplan geheim, zo geheim dat zelfs de aanvalsspitsen van niets wisten en dachten dat ze op oefening gingen. In combinatie met een zwak, corrupt, slecht getraind Russisch leger dat tevens mannen tekortkomt, is de succesvolle Oekraïense verdediging dus niet zo vreemd. Kiev heeft een sterke verdediging georganiseerd omdat het land heeft geleerd van de nederlaag van 2014 en het verlies van de Krim. Men heeft toen technische assistentie en training aan de VS, UK en Canada gevraagd en gekregen. Nu stromen volop informatie en wapens van de NAVO en EU-staten, die zich realiseren dat de oorlog in Oekraïne een existentiële is om de vorm in de inhoud van Europa. Kortom: Poetin got more than he bargained for.
‘De Russische president Vladimir Poetin heeft met zijn invasie van Oekraïne zijn eigen land effectief uitgeleverd aan China’
Wat de verzwakking van Rusland betekent
De Russische president heeft met zijn invasie van Oekraïne zijn eigen land effectief uitgeleverd aan China. Of Rusland nu wint of verliest, de rol van Moskou op het wereldtoneel wordt steeds minder belangrijk. Immers, wat zou een Russische overwinning betekenen? De economie is door sancties verzwakt, het Westen koopt minder olie en gas en levert geen technologie en onderdelen meer. Poetins dictatoriale wetten om de kritiek op de oorlog te smoren doen veel mensen denken aan de sterke onvrijheid van de Sovjetunie. Het land lijkt terug te gaan in de tijd met als gevolg een exodus van jonge Russen naar ‘vrijere’ buurlanden. In Oekraïne evenzo: de bevolking loopt weg, ouderen blijven over, de economie is kapot (afname economische activiteit van 45%), de infrastructuur is kapot en moet ten koste van zo’n 500 miljard dollar gerepareerd worden. Andere voormalig Sovjetrepublieken, economische en politieke vrienden van Moskou, zijn bang omdat zij vrezen eventueel ook aan de beurt te komen. Diplomatiek heeft Rusland dus net als in de Sovjettijd alleen nog een paar relatief zwakke bondgenoten over. Militair is het land verzwakt en staat tegenover een sterkere EU en NAVO, dat met nieuwe wapens klaarstaat om Rusland in toom te houden. Of Rusland met (wapen)technologie nog andere geldbronnen weet aan te boren is twijfelachtig, eerder zullen anderen van de zwakke positie gebruik proberen te maken om er een slaatje uit te slaan. Bovendien moet het Oekraïne eronder houden terwijl dat volk dat niet wil. Een taaie opgave voor een staat die nu al soldaten tekortkomt. Rusland leunt dus steeds zwaarder op Beijing. China biedt mogelijk kredieten en hulp, maar Rusland moet die vrijwel zeker afbetalen in goedkope grondstoffen, graan en andere landbouwproducten.
(bron: United Nations Development Programme, Flickr)
Hoe wordt dit in China gezien?
In 2049, als de Communistische Partij 100 jaar aan de macht is, moet China de enige supermacht ter wereld te zijn, zo heeft opperleider Xi Jinping bepaald. Om dat te bereiken moet China militair, diplomatiek, economisch en technologisch vooroplopen en de VS (ver) achter zich laten. Die visie wordt door Beijing in eigen land en in de wereld verkocht met een anti-hegemoniaal (anti-Amerikaans) verhaal, alsook een globale economische expansie (het Belt and Road Initiative) die ook voor deelnemende landen aantrekkelijk kan zijn. Maar er is een aantal beren op de weg en ook de oorlog in Europa vormt een toenemende bron van zorg voor China.
De toegenomen Chinese acties tegen Taiwan hebben de afgelopen jaren geleid tot een reactie van de Quad (VS, Australië, India en Japan) en Beijing verwelkomt de afleiding die het Rusland-Oekraïne conflict voor de VS creëert; dat wil zeggen dat Washington minder tijd heeft om China in Azië dwars te zitten. Maar toch geeft de strijd in Oekraïne hoofdpijn: Rusland lijkt het kleinere buurland er niet meteen onder te krijgen. Voorts heeft de oorlog voor Rusland sterke economische gevolgen en is er dus enige druk op Beijing om te hulp te komen. Maar China gaat Rusland niet economisch redden, eerder gebruik maken van Ruslands zwakte. Bovendien zijn de eerdere groots aangekondigde Chinese investeringen in Rusland niet zo succesvol en er heerste voor de oorlog al een zekere afkoeling tussen de autocratische partners. China, dat kort voor de inval verklaarde dat Rusland een eeuwige partner was, wil nu niet meer zo graag als sterke vriend van Moskou gezien worden. Alhoewel niet iedereen achter de Westerse pro-Oekraïense houding staat en het Chinese verhaal van geen vrijheid, maar economische groei in grote delen van de wereld nog best goed verkoopt, kent het Chinese succesverhaal ook donkere kanten: onderdrukking van de Oeigoeren, grote bedrijfsschulden en een moeizame aanpak van de recente Corona-uitbraak in Sjanghai.[i] Xi stevent af op een derde termijn, maar diplomatiek en economisch zit het allemaal niet meer zo mee. De regio kijkt met stevige angst naar Beijing en investeert in defensie. Tegen deze achtergrond bestuderen Chinese leiders en hun militaire adviseurs de prestaties van het Russische bestuur en leger in Oekraïne met grote aandacht.
De Chinese analyse van de oorlog
Rusland is al lang een militair voorbeeld voor China, dat sinds de invasie van Vietnam in 1978 geen oorlog meer voerde, maar wel streeft naar hereniging met Taiwan. Alhoewel China een grote eigen wapenindustrie heeft, is een deel van het arsenaal nog Russisch of op Russische systemen gebaseerd. Bovendien zijn de VS als grote tegenspeler van China een belangrijke partij in de Oekraïne-oorlog.
De bestuurlijke, diplomatieke en militaire macht van Rusland laat in deze oorlog zeer te wensen over als gevolg van onduidelijk politiek-militair gedefinieerd doelen en heeft operationeel en tactisch behoorlijk steken laten vallen.[ii] Terwijl ze dat eerst wel konden, heeft Rusland dit keer geen hybride aanpak gekozen, maar alle kansen laten liggen. Kiev en Westerse tegenspelers maken hier maximaal gebruik van. Ook het ontbreken van Russisch luchtoverwicht is in Chinese ogen een enorme fout.
Een PLA type 054A fregat in aanbouw. De marine van het Volksbevrijdingsleger wordt in hoog tempo uitgebreid, waarmee de maritiem-militaire capaciteit van China in de Zuid-Chinese zee en de Oost-Aziatische zee drastisch toeneemt (Simon Yang, Flickr)
Het Westen is opgeleefd en kan ook aanzienlijke krachten mobiliseren, krachten die eventueel ook tegen China ingezet kunnen worden. Opvallend zijn de goede inlichtingen en het strategisch communicatieve gebruik daarvan, dat positieve effecten oplevert in Oekraïne en in Westerse landen zelf. Daarom kijkt China ook met grote belangstelling naar de effecten van de Russische dreigementen met (tactische) kernwapens om te zien wat voor rol die spelen bij het afweren of beïnvloeden van het Westen. Moskou heeft een zwak verhaal en daarom ook matige prestaties van de eigen soldaten, die geen politieke commissarissen – zoals de Chinezen nog wel hebben – meer boven zich hoeven te dulden. Bovendien heeft de Russische corruptie het leger verzwakt en dat is ook een Chinees fenomeen.
Het zwakke Russische optreden leert China drie zaken:
- Een ondoordachte oorlog is potentieel gevaarlijk voor de positie van het staatshoofd; de politieke ondergang van Poetin is immers denkbaar omdat hij mogelijk geen goed verhaal heeft over de hoge kosten van de oorlog, zelfs bij een overwinning.
- Het Westen is (geopolitiek) nog niet uitgespeeld, mogelijk ook niet in Azië.
- Postcommunistische problemen als het naar de mond praten van de leider en grote corruptie kunnen een staat ernstig verzwakken.
Voor China is er dus veel te overdenken, waarbij de dictatoriale structuur niet echt ter discussie staat, maar wel een potentieel gevaar oplevert. De grootse plannen voor een herenigd China dat in 2049 de machtigste staat op aarde is en de VS voorbijstreeft moeten dus misschien even de ijskast in.
‘De grootse plannen voor een herenigd China dat in 2049 de machtigste staat op aarde is en de VS voorbijstreeft moeten dus misschien even de ijskast in’
Hoe zou Europa kunnen reageren?
De oorlog heeft Europa een enorme verantwoordelijkheid erbij gegeven, niet alleen voor de vrijheden en rechten in de EU, maar ook voor Oekraïne en voor Rusland. Alhoewel formeel lidmaatschap nog wel tien jaar kan duren, is Oekraïne nu al de facto lid van de unie. Rusland vormt ook een zorg. Een afglijden richting China of de grondstoffen zonder meer aan Bejing te laten is niet in ons belang. Europa moet dus voort op de weg van nauwere samenwerking en van het vinden van een model voor snellere en eenvormige besluitvorming. Voorts moet de EU sterker opletten dat afspraken met niet-democratische staten zoals Rusland en China niet langer leiden tot afhankelijkheid, de mogelijkheid van politieke chantage en zelfs oorlog. De militaire capaciteiten van de EU – de huidige hulp aan Kiev is grotendeels een NAVO-zaak – moeten omhoog en productie van systemen en munitie zal toe moeten nemen. Het pauzeren van de ratificatie van het CAI-investeringsverdrag met China is een teken van een duidelijker bewustzijn in Europa over wat echt belangrijk is. Het idee dat vrije economie en democratie aantrekkelijk zijn heeft zowel in Europa als Amerika aan kracht gewonnen. Ook dat is een slag in het gezicht van China.
Drs. A.A. Bon is universitair docent Internationale Veiligheidsstudies aan de Faculteit voor Militaire Wetenschappen (FMW) bij de Nederlandse Defensieacademie (NLDA). Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Gerelateerd
Tri-marines: vertrouwde en interoperabele partners op het slagveld
Het Korps Mariniers kent een lange geschiedenis en voelt een sterke verbintenis met amfibische families bestaande uit vele bevriende…
The future of Transatlantic relations
In the coming years, the key in the transatlantic relations lies to sail as close to the wind as possible between total commitment and…
Europe's Maritime Challenges Examined
From 6 to 8 April 2025, fourteen international academics and naval professionals gathered in Rotterdam to examine the strategic challenges…

